Risico's en kansen

Jeugdtrauma kan iedereen overkomen, maar sommige kinderen lopen meer risico. Dat komt niet alleen door hun afhankelijkheid van volwassenen en hun leeftijd, maar ook door de omgeving waarin ze opgroeien.

Risicofactoren zijn omstandigheden die de kans op problemen groter maken. Denk aan armoede, eenzaamheid of afwijzing. Of aan het opgroeien met ouders die verslaafd zijn of psychische problemen hebben. Daartegenover staan beschermende factoren. Dat kan steun van een vertrouwde volwassene zijn, een veilige plek buitenshuis of positieve ervaringen. Zulke steun kan helpen om nare ervaringen beter te verwerken en herstel mogelijk te maken.

Kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking, ADHD of autisme zijn vaak meer afhankelijk van volwassenen. Daardoor kunnen ze moeilijker grenzen aangeven of signalen herkennen, waardoor onveilige situaties soms langer blijven bestaan. Ook jongeren die zich identificeren als LHBTIQA+ lopen gemiddeld meer risico op het meemaken van ingrijpende jeugdervaringen. Afwijzing, pesten of discriminatie vanwege hun identiteit kan gevoelens van onveiligheid versterken.

De invloed van jeugdtrauma kan in elke levensfase anders zijn. In de kindertijd uit het zich vaak in angst of teruggetrokken gedrag, in de puberteit in boosheid of risicogedrag, en op jongvolwassen leeftijd vaker in problemen met relaties, werk of vertrouwen.

Belangrijk om te weten: risico betekent niet dat iets zeker gebeurt. Veel kinderen uit risicogroepen groeien op zonder jeugdtrauma. En velen vinden juist binnen hun omgeving of gemeenschap steun en kracht. Aandacht voor kwetsbare groepen is belangrijk, maar altijd met oog voor veerkracht en verschillen tussen mensen.

Previous
Previous

Ouderschap